"Het orgel, alzo voltooid zijnde, werd die dag den plegtigen inwijding
van hetzelve bepaald op Zondag de twaalfden October 1823.
Aan de Weleerwaarde Heer Jacob van Bleijenburgh, oudste Leraar der
Gemeente, werd verzocht de feestrede uit te spreken, terwijl de fungerende
leden van de Evangelisch Lutherse gemeente hier ter stede uitgenodigd werden
de feestviering bij te wonen. Eene aanzienlijke menigte van hoorders, zo
uit de stad als van elders, was samengevloeid. De Leraar Jacob van Bleijenburgh
betrad des voormiddags ten negen uren de predikstoel en hield een doelmatige
en algemeen goedgekeurde leerrede, ten onderwerp nemende Psalm 98 vers
4-7a, welke door Psalmen, Gezangen en orgelmuziek afgewisseld is geworden,
wordende het orgel bespeeld door de heren Lingius en van der Eezen, organisten
binnen deze stad.
Des namiddags deeden den Heeren Broerse en Brachthuizen onder den toevloed
van een eene aanzienlijke meenigte, de kracht en welluidendheid van het
speeltuig horen, door het uitvoeren van eene Ouverture, coraal-gevarieerd
gezang nr. 40, 'de Morgenstond', een fluitconcert, bataille, sleedevaart
en finale. En zo eindigde dit feest, tot genoegen der Gemeente en van alle
aanwezigen, bij welke gelegenheid de wenselijkste orde geheerst had".
Bron: De Boekzaal der Geleerde Waerelt 1823, II p. 511